Meldpunt Fipronil bleek van toegevoegde waarde voor pluimveehouders

De gezamenlijke aanpak van de fipronilproblematiek in de Gelderse Vallei, onder meer door het oprichten van het Meldpunt Fipronil, zorgde voor praktische oplossingen voor pluimveeboeren die door deze affaire waren getroffen. De NVWA bleek niet voldoende op een crisis als deze voorbereid. Het gebrek aan een adequate reactie op de eerste signalen leidde tot een vergroting van de crisis.

Dat staat in het rapport ‘Ervaringen van, met en rond het Fipronilmeldpunt Gelderse Vallei’, dat werd opgesteld door het Poultry Expertise Centre in Barneveld in opdracht van de initiatiefnemers van het Meldpunt Fipronil: de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Putten, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel, Veenendaal, Wageningen en Woudenberg, LTO afdeling Gelderse Vallei en de NVP.

Ondersteuning

Het Meldpunt Fipronil werd begin augustus 2017 in het leven geroepen om ondersteuning te bieden aan pluimveehouders in de Gelderse Vallei die waren getroffen door de zich – plotseling – voordoende fipronilcrisis. De belangrijkste doelen waren:

  • Het bieden van een luisterend oor;
  • Het in kaart brengen van knelpunten en vragen en het doorspelen daarvan naar de juiste instanties;
  • Het vergaren en delen van kennis;
  • Het – waar mogelijk – beantwoorden van vragen en het adviseren en doorverwijzen;
  • Het afstemmen met andere organisaties (om geen dingen dubbel te doen).

Activiteiten

Het Meldpunt Fipronil werd – sinds de oprichting in augustus 2017 – 2.447 keer benaderd – zowel via de telefoon als via de mail. Daarnaast gaf het meldpunt drie nieuwsbrieven uit en werden drie informatiebijeenkomsten georganiseerd (in Barneveld en Lunteren). Daarnaast werd getroffen pluimveehouders een coachingsgesprek aangeboden; daarvan werd bijna 90 keer gebruik gemaakt.

In de eerste fase van de crisis lag de nadruk op het zo snel mogelijk vrijgeven van eieren van niet behandelde stallen en het besluiten over de keuze: ruimen of ruien (het op dieet zetten van pluimvee). Het reinigen van de stallen bleek een probleem apart te zijn; daarvoor werd in de Gelderse Vallei het initiatief ‘Boenen bij de Boeren’ gelanceerd waarvoor zich tientallen vrijwilligers meldden. Daarnaast bleek ook dat de verwerking van de mest met een fipronilgehalte boven de norm stagneerde. De inspanningen van het Meldpunt Fipronil zorgden onder andere voor een eerdere vrijgave van de eieren en een tijdelijke oplossing voor de mestproblematiek.

Conclusies

De belangrijkste conclusies die in het rapport ‘Ervaringen van, met en rond het Fipronil Meldpunt Gelderse Vallei’ worden getrokken, zijn:

  1. De samenwerking tussen de initiatiefnemers in de Gelderse Vallei heeft effectief gefunctioneerd;
  2. Het Meldpunt Fipronil was een waardevolle schakel tussen pluimveehouders enerzijds en AVINED, de NVWA en de Gezondheidsdienst (GD) anderzijds;
  3. De NVWA was organisatorisch niet voorbereid op een dergelijke crisis en had te veel tijd nodig voor het opzetten van een adequate respons;
  4. Het blokkeren van gehele bedrijven (ondanks dat sommige stallen níet met fipronil waren behandeld) heeft grote financiële en emotionele schade veroorzaakt;
  5. De veldwerkers van de NVWA bleken zich snel in te kunnen werken in de problematiek;
  6. De crisis is onnodig groter geworden omdat de NVWA de behandelingen door Chick Friend – ook na de inbeslagneming van de administratie – liet voortbestaan.

Aanbevelingen

De belangrijkste aanbevelingen die in het rapport worden gedaan, zijn:

  1. De NVWA dient zich beter voor te bereiden op een crisis en met name te zorgen voor een goede bereikbaarheid en aanspreekbaarheid;
  2. Er dienen op korte termijn effectieve maatregelen te worden genomen om het nog steeds niet volledig opgeloste mestprobleem op te lossen;
  3. Pluimveehouden zouden de kosten voor bemonstering door de NVWA én de afvalstoffenheffing voor mest niet moeten hoeven te betalen;
  4. Het hanteren van een vorm van compensatie, zoals nu in België gebeurt, zou bestuurlijk / politiek moeten worden heroverwogen (pluimveehouders die hun stallen met DEGA-16 reinigden, deden dat te goeder trouw – en langer dan nodig door te laat ingrijpen van de NVWA).

Het Poultry Expertise Centre heeft het rapport ‘Ervaringen van, met en rond het Fipronil Meldpunt’ inmiddels aangeboden aan de Commissie Sorgdrager – die op verzoek van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit onderzoek doet naar de fipronilaffaire en de aanpak ervan – en aan de minister.

Reacties

X

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief
Aanmelden